Want deze is kapot
Deed al raar vanaf het begin
‘k Zoek mezelf maar een andere dag
Want deze heeft geen zin
Zoveel liefde zomaar weggerukt
Stel dat ik ooit een dag vind dat ik niet
Een dag dat ik niet aan jou denk
Ik haat de dag dat het me lukt
~ Acda en de Munnik :: De laatste keer zijn
Pap, ik stop er mee. Ik stop met het denken dat het wel gaat. Ik stop met het wegduwen aan jou denken want het voelt niet goed. Het lukt alleen om te doen of het gaat als ik jou zo ver mogelijk in mij weg druk. Maar toch kruip je constant weer naar boven. Vooral 's avonds, als de kamer naast me veel te stil blijft, denk ik veel aan je. Het is een zinloos gevecht want ik wil wel aan je denken. Ik wil je dicht bij me voelen maar het doet ook vreselijk veel zeer. Het is tijd om zacht uit te spreken dat het niet gaat want het gaat niet. De tranen, het gemis, het nog altijd niet kunnen begrijpen.
Ik weet dat ik op mijn plek zit wat baan betreft want het is de enige plek waar ik eerlijk durf toe te geven dat het een dag niet gaat. Gelukkig heb ik fijne collega's die gelijk alles uit handen nemen en zeggen dat ik vandaag wel even wat zon mee moet pikken en die tranen mag laten gaan. Ik glimlach en zeg dat die al druk bezig zijn. Soms lukt het groot houden niet meer en dan zit ik op de bank met een wcrol om mijn neus te snuiten. Mama schrikt als ze naar beneden komt en mij in de schaduwen zit zitten. Ze heeft nog niet door dat ik zit te huilen en begroet Tico. Terwijl ze door de kamer loopt zonder echt naar me te kijken praat ze tegen me. Als ik niet reageer kijkt ze me aan, ziet mijn tranen van dichterbij en zegt 'Het gaat niet he...' En ik kan alleen maar bevestigen. Het gaat niet meer. Ik hoor hoe zij begint te huilen omdat ze haar dochter ziet huilen. Het doet ons beide zeer, de ander zien huilen van verdriet. Ze omarmt me en het snikken begint. Pas als mama haar armen om me heen slaat komt het echte huilen met snikken en stikken, elke keer weer. En zoals elke keer komt Tico zijn snuit tussen onze armen door als hij het gesnik van mij hoort. Het doet zeer pap. De keren dat je me hebt zien huilen was altijd op de bank, tijdens de gesprekken die we met zijn drieën hadden. Maar je hebt nooit je dochter en vrouw samen zien huilen en nu zitten we hier. We zwijgen want er zijn geen woorden meer om te beschrijven hoe dit voelt, hoe zwaar het is. Uiteindelijk benoemd mama het als 'wat een kutzooi' en ik glimlach. Want papa, als mama zegt dat het een kutzooi is, iets wat ze nooit zegt, dan is het 't ook. We missen je en zijn het verdriet zat. We willen alle tranen, het verdriet, de onmacht en deze hele kutzooi ruilen voor jou. Jou weer terug hier bij ons.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten